Het inhoudelijke geschil gaat over de vraag of sprake is van een bron van inkomen. Naar het oordeel van het Hof heeft belanghebbende in hoger beroep voldoende feiten en omstandigheden gesteld en aannemelijk gemaakt die de conclusie rechtvaardigen dat er in het onderhavige geval objectief gezien sprake was van een redelijkerwijs te verwachten voordeel. Het hoger beroep is gegrond.
Meer informatie: https://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:OGHACMB:2025:73&pk_campaign=rss&pk_medium=rss&pk_keyword=uitspraken
Geef een reactie